Australië stond eigenlijk niet eens op ons netvlies. Járen geleden zijn we al eens met vrienden in een camper door Nieuw Zeeland gereisd en hoewel 3 stellen in één camper niet echt een recept voor succes is, was het ons wel duidelijk dat we ooit nog eens met z’n tweeën een roadtrip zouden gaan maken. Omdat Margret vrienden zou gaan bezoeken in Nieuw Zeeland, kwam Australië ineens in beeld als reisdoel.

In 2014 was het zo ver. We hadden een maand de tijd en besloten tot een trip van Melbourne naar Adelaide via de Great Ocean Road. De terugreis zou via Flinders Ranges en de Grampians gaan, maar dat liep wat anders…

Melbourne

André was vanuit Nederland naar Melboure gevlogen en Margret kwam en dag later aan uit Nieuw Zeeland. Na een korte verkenning van Melbourne (een héél hippe stad!) haalden we de camper op. De camper stond al klaar, maar het was druk en we moesten nog lang wachten. Na het papierwerk kregen we uitleg over de camper en na het inruimen en we konden van start…

Niet dus! De motor wilde niet aanslaan. We kregen een vervangende camper, maar die moest eerst nog klaargemaakt worden. Met een klein leencampertje konden we al vast wat boodschappen doen. Toen we van de supermarkt wegreden zagen we dat iemand – die net zijn camper bij de zelfde firma had opgehaald – bij het uitparkeren de gehele zijkant van de camper er af reed omdat hij de bocht te krap nam. Een goede wake-up call! Je hebt hier niet alleen te maken met de afmetingen en uitzwaai van je camper, maar ook met links rijden. Best nog wel een dingetje. Enfin spullen overladen naar de nieuwe camper en gáán.

Geelong – Cape Otway

De Great Ocean Road voerde ons van Melbourne via Geelong en Torquay langs de oceaan door Angelsea, Lorne, Wye River, Cape Otway Lightstation en Hordern Vale. Dat is snel gezegd, maar je komt dus van alles tegen langs de weg. Uitkijkposten, stranden, natuurgebieden even het binnenland in. Dat maakt het lastig als je geen plan hebt. Gelukkig hadden we dat (globaal) wel. Dat helpt met prioriteiten stellen. Cape Otway lighthouse is een historische vuurtoren en dat zal je weten ook als je daar op bezoek komt. Prima uitleg door een meneer in kledij uit de bijbehorende tijd. Het komt er op neer dat zonder deze vuurtoren Melbourne nooit tot onwikkeling zou zijn gekomen. Hordern Vale is een slaperige natuurcamping met overvloedig koala’s, papegaaien en kookaburra’s en een prachtig meer.

Great Ocean Road

Het stuk tussen Princetown en de Bay of Islands is het meest spectaculair met fraaie rotspartijen met namen als ‘Gibson Steps’, ‘the 12 Apostles’, ‘Loch Ard Gorge’, ‘The Arch’, ‘London Bridge’ en ‘The Grotto’. Omdat het januari was (en daar dus hoogseizoen) stikte het helaas ook van de toeristen. Japanners en Chinezen die met busladingen tegelijk werden aangevoerd in een dagtripje vanuit Melbourne. Dat betekent automatisch ook dat je uitzicht massaal geblokkeerd wordt door hun IPads. De irritatiefactor werd ook nog eens vergroot door de talloze vliegen. We hebben een soort imkerhoeden gekocht om van dat ongedierte (de vliegen dus) af te zijn.

Warrnambool – Coorong

Een stuk na Warrnambool kom je bij Tower Hill Wildlife Reserve. Een oude vulkaankrater deels gevuld met water, waar je via een eenrichtingsweg doorheen kunt rijden. Watervogels en emoes – Prachtig! Na Portland en Glenelg national park rijd je via Nelson de grens over naar Zuid Australië en kom je bij Mount Gambier met zijn Blue Lake en Valley Lake. Van daar rijden binnendoor we via Millicent en Greenways naar Kingston SE. Dan rijdt je langs het prachtige wetland gebied van het Coorong National Park, waar je ook een broedgebied van pelikanen hebt.

Lake Albert – Adelaide

In Meningie stonden we aan het Lake Albert en omdat het aardig waaide zat de camper onder het schuim. Verder gereden rond het Lake Alexandrina en bij Wellington met het pontje de Murray River over gestoken. Ik weet dat het hier goed vissen is, maar helaas hebben we geen hengel bij… Vanaf Strathalbyn ga je de bergen in met het prachtige Mount Barker en het ‘Duitse’ dorpje Hahndorf. Dan maar snel door naar Port Adelaide, waar we in Semaphore een mooie plek vonden. Vanaf daar kun je gemakkelijk met de trein naar Adelaide om daar de boel te verkennen. Leuk om gezien te hebben, maar niet echt ‘wow’.

De hele tijd was het al verschrikkelijk heet. We lagen te zonnen aan het strand in Semaphore, maar binnen drie minuten werden we gezandstraald en sloeg het weer om in een gruwelijk onweer. Door de blikseminslagen ontstonden aan de gehele kust diverse brandhaarden en gaandeweg leek onze verdere reis onmogelijk te worden. Voornamelijk de geplande trip naar de Flinders Ranges bleek al gauw onmogelijk. Er werd al geëvacueerd daar en drie van de vier toegangswegen stonden in lichterlaaie. Ook het wijngebied Barossa Valley leek in gevaar te zijn.

Barossa Valley

  

Uiteindelijk bleek dat laatste mee te vallen en hebben we onze reis verder kunnen voortzetten. Via Gawler en Tanunda konden we tot Angaston. Verderop was een bosbrand geweest en we leerden dat een dergelijke brand zich met 80km/uur kan verplaatsen bij harde wind. Die kan je dus bijna niet voorblijven met je camper. Zeker niet op onverharde wegen. Dan gaat de inboedel aan de wandel als je meer dan 10km/uur rijdt. Met de neus in de boter gevallen, omdat er een old-timer festival in de stad was. Genieten! André droomt meteen weg bij zo’n ZZ-Top wagen. Op Mount Lofty in de Adelaide Hills kochten we beiden een ‘Cobber’, een zak met gelkorrels die water opzuigen en zo voor verkoeling in je nek zorgen.

Kadina, Wallaroo, Moonta

Via Seppeltsfield reden we door naar het ter plekke verzonnen alternatief voor Flinders: de Yorke Peninsula.
Een schiereiland in de vorm van de Italiaanse laars. Via Port Wakefield rijden we naar de koperstadjes Kadina, Wallaroo en Moonta. Veel industrieel erfgoed, mijnen en mijnbouw tailings. Tot nu toe is ons voor-oordelige beeld van Australië (ellenlange stoffige wegen) gelogenstraft, maar hier ging het er toch wel even op lijken.

Yorke Peninsula – Innes National. Park

Na een lange monotone rit via Port Victoria en Warooka kwamen we in de punt van de laars toch eindelijk bij ons doel aan: Innes National Park. En wat een verrassing! Dit park, ontstaan als kalkmijn, is een verademing na zo’n rit. Prach-ti-ge natuur en wederom restanten van de mijnbouw maken dit park uniek. Dan denk je dat het ongeveer 100 jaar geleden in een dergelijke uithoek behoorlijk saai moet zijn geweest. Maar meneer en mevrouw Innes ontvingen er per jaar ruim 200 gasten. Ze hadden zelfs tennisbanen en een cricketveld ter beschikking. We stonden op de prachtige Cable Bay camp ground.

Innes – Port Wakefield

Via Edithburg namen we terug de kustweg aan de andere kant van het schiereiland. Na een nacht in Port Vincent reden we langs Ardrossan, waar je de mijnbouw vanaf een tailing kunt bekijken. In Wills Creek en Clinton zie je het eerste begin van het Clinton wetland, dat doorloopt tot Port Wakefield. De eigenaar van de camping aldaar vertelde ons dat het een van de weinige gebieden is waar een afwijkend soort springvloed voorkomt, die belangrijk is voor het ontstaan van dit wetland. Meneer Innes bleek naast mijnbouwer ook burgemeester en gouverneur te zijn geweest. Hij hield er een leuk hutje aan over.

Adelaide Hills, Hallett Cove

Terug in Adelaide besloten we de Adelaide Hills te verkennen vanuit onze plek in het Belair national park. Ook dat was een goede beslissing met fraaie attracties als Mount Lofty (uitzicht op Adelaide en omgeving), Cleland conservation park (Heel veel soorten kangoeroes, koalas, wombats, tasmaanse tijgers en vogels) en Morialta conservation park (prachtig wandelgebied – wel steil). Bij toeval gevonden, maar zeker het vermelden waard: aan de kust ten Zuiden van Adelaide ligt het gelologische erosiepark Hallett Cove met fraaie boardwalks en als hoogtepunt: de Sugarloaf. Zeer de moeite waard!

A8, Bordertown, Ballarat

De terugweg deden we via de A8, een vrij lange rechte weg, maar we moesten soort van haast maken om weer op tijd terug te zijn. Via Bordertown en Horsham zouden we nog het Grampian national park kunnen bezoeken. Helaas bleek ook hier een bosbrand een bezoek te verhinderen. Wel leuk dat we nog Ballarat hebben kunnen meepakken. Ook weer zo’n schattig Victoriaans stadje, ontstaan uit de (goud-)mijnbouw, die hier trouwens nog altijd voortduurt.

En toen zat onze mooie trip er al weer op. De wegen zijn over het algemeen goed, maar doe het rustig aan op gravelwegen! Huur een camper mèt achteruitkijk camera, die is echt onontbeerlijk. Dan zie je ten minste die Road Trains aankomen voordat ze ze met een noodgang passeren. Die jongens zijn echt niet misselijk. Een maand lang, vijfendertighonderd kilometer schadevrij in een buscamper door een heet land met prachtige natuur en verrassend vriendelijke mensen, kangoeroes, koalas en kookaburras, pelikanen en heel veel papegaaien.

We zouden zó weer teruggaan!