Na een nacht op de CP in Umbrete te hebben doorgebracht (daarover kunnen we kort zijn: het is een CP) rijden we door naar Doñana. We hebben hier al veel over gehoord maar het is dit jaar uitzonderlijk droog geweest. Wat heeft dit voor invloed op dit nationale wetland park?

El Rocío

We strijken neer op Camping la Aldea bij El Rocío. Een OK camping voor €20,- per nacht (naseizoen), inclusief alles. Maar er moet wel een mannetje komen om de stoom aan (en af-) te sluiten, want de kasten zitten op slot! Het stadje El Rocío ligt 2 minuten lopen van de camping, maar wees gewaarschuwd: er is geen verharde weg te vinden! Alle straten zijn zandwegen. Dat heeft te maken met de prominente rol die paarden in dit stadje spelen. Ieder gebouw is voorzien van balken waar de paarden aan gebonden kunnen worden. Dat geeft het stadje een soort wild-west uiterlijk. Alleen de saloons heten hier ‘tapasbar’.

Wat verder opvalt is dat het stadje bezaaid is met gebouwen van “Hermandads”: religeuze broederschappen uit de (verre) omtrek. Ieder genootschap heeft zo’n gebouw, dat dienst doet als kapel en paardenstal. Ieder jaar komen deze Hermandads rond Pinksteren in El Rocío bijeen op bedevaart ter ere van de maagd van El Rocío, waarnaar de centrale kerk – de Nuestra Señora de Rocío – is vernoemd. Deze bedevaart – de Rómeria – start in Sanlúcar de Barrameda en trekt dan Doñana in.

Rómeria

De tocht van dit op hun pinksterbest aangekleed gezelschap van meer dan een miljoen mensen met klassieke huifkarren duurt drie dagen en natuurlijk wordt iedere avond een feestje georganiseerd. Eenmaal in El Rocío wordt er niet alleen gebeden, maar ook geparadeerd in de mooiste kostuums, gereden op paarden en natuurlijk gedronken, gemusiceerd, gezongen en geflamenco’d.

Natuur

El Rocio ligt aan een meer, dat op het moment dat wij daar zijn volledig is drooggevallen. We begrijpen dat dit niet alleen het effect van klimaatverandering is. Boerenbedrijven in het gebied onttrekken veel grondwater voor irrigatie en ook dat is niet bevorderlijk voor het natuurgebied. Na de mijnramp in 1998 en de brand in 2017 is dit misschien wel de doodsteek voor dit ‘beschermde’ natuurgebied. Feit is, dat de Spaanse overheid in zijn beschermingstaak faalt en door de EU op zijn vingers wordt getikt.

Matalascañas

Nagevraagd waar de twee fietspaden zijn, die in de promo van de camping worden genoemd: die blijken 15 kilometer verderop bij de kust te liggen. Maar waar, weet de receptie niet. We laden de fietsen dus weer in de camper en rijden naar Matalascañas om daar het fietspad te zoeken. Die vinden we bij de rotonde aan zee. Enthousiast klimmen we op het zadel en rijden richting de Chozas de la Poleosa om vervolgens na 300 meter aan het einde van het fietspad te komen.

Dan maar omdraaien. We rijden bij de rotonde naar beneden en vinden daar een boulevard. Of dat nou een fietspad is of niet, we rijden de boulevard een stukje af… en nog een stukje .. en uiteindelijk komen we zo’n 5 kilometer verder aan het einde van de boulevard aan. We zijn verbaasd dat er zo’n mondaine badplaats in een natuurgebied ligt. Het is er nu natuurlijk rustig, maar dit zal in het hoogseizoen wel vol zitten. Later blijkt dat daar pas het fietspad begint :(…

Doñana National Park

We maken géén georganiseerde jeeptocht door het Doñana park omdat er geen Engelstalige ritten beschikbaar zijn (blijk je al een maand tevoren te moeten boeken), maar ook een beetje met het idee in het achterhoofd dat er waarschijnlijk niet veel te zien zal zijn. Misschien onterecht. Bij de receptie van de camping hoef je in ieder geval niet te zijn. Die boeken alleen maar en geven nul-nada-niks geen informatie niet. We beseffen ons dat we – op een enkele mus na – nog geen enkele vogel gezien hebben sinds we hier aan zijn gekomen. We besluiten dit te laten zitten tot een volgende keer. Jammer want we hadden ons zo op natuur verheugd